Belangrijke uitspraak over kaalkap…
De rechtbank Gelderland heeft een gedragscode ongeldig verklaard die bosbezitters toestond om op grotere schaal bomen te kappen…
De gedragscode zou het kappen van bos – zogenoemde kaalkap of vlaktekap – rechtvaardigen onder het mom van natuurbeheer en verjonging, maar natuurorganisaties voerden vijf jaar lang aan dat dit juist grote schade aanricht aan bossen en biodiversiteit. Met de uitspraak van de rechter komt er voorlopig een einde aan deze werkwijze, en moeten het ministerie en de Vereniging van bos- en natuureigenaren (VBNE) een nieuwe gedragscode opstellen.
Bosbeheer hangt samen met het (selectief) kappen van bomen, hoewel dit vaak tot emotionele discussies leidt. Verschillende bosdeskundigen en -beheerders benadrukken dat beheer soms noodzakelijk is om bossen gezond en gevarieerd te houden en om monoculturen te doorbreken. Zo draagt het kappen van bomen bij aan verjonging, soortenrijkdom (biodiversiteit) en een betere bodemkwaliteit.
Verder speelt de discussie over welke bomen geschikt zijn in het licht van klimaatverandering. Veel bossen zijn ooit als monocultuur aangelegd, vooral voor houtproductie, maar er is nu meer aandacht voor inheemse en diverse soorten. De deskundigen beklemtonen dat bosbeheer een afweging vraagt tussen natuurbehoud, recreatie, houtproductie en klimaatadaptatie. Daarbij is soms de zaag nodig om het bos te onderhouden, maar ook om het te beschermen en gevarieerd te houden.
Dit onderhoud kan kleinschalig gebeuren en daarom bestaat er weerstand tegen (grootschalige) kaalkap. Organisaties als Natuur Alert en Natuurvolgend Bosbeheer stellen dat het bos zichzelf prima kan reguleren en dat uitkap van individuele bomen voldoende zou zijn. Volgens andere bosdeskundigen, onder wie Jan den Ouden en Frits Mohren, is kaalkap in Nederland meestal al beperkt tot maximaal twee hectare, en volgens de nieuwe Bossenstrategie zelfs tot een halve hectare. Zij noemen dit “kleinschalig” en passend bij duurzaam bosbeheer.
Tegenstanders van kaalkap vinden echter dat de natuur zichzelf prima kan reguleren. Zij beargumenteren dat grote, open gekapte oppervlakken schadelijk zijn voor biodiversiteit en CO₂-opslag en pleiten daarom voor kleinschalig ingrijpen of helemaal niet ingrijpen. Volgens bosbeheerders wordt in Nederland meestal al kleinschalig gewerkt. Met oog voor herstel en verkrijgen van meer variatie is, afhankelijk van de gekozen strategie voor bosverjonging , calamiteitenkap of behoud monumentale lanen, grootschaliger ingrijpen met kapvlakten van maximaal een halve tot heel soms twee hectare weleens nodig.
Het bos heeft in principe de mens niet nodig, daar zijn voor- en tegenstanders van de Gedragscode met elkaar over eens. Maar, zeggen de wetenschappers, door de veranderende omstandigheden is menselijk ingrijpen in veel gevallen wenselijk en noodzakelijk. De discussie gaat dus over de schaalgrootte in relatie tot het verstoren van dieren en aantasten van bestaande habitats. De rechter heeft nu gesteld dat een kap van een groep bomen op een oppervlakte van meer dan 500 m2 als een ruimtelijke ingreep wordt beschouwd en daarmee een ontheffing van de Natuurbeschermingswet vereist is.
In maart hoopt het ministerie LVVN een nieuwe gedragscode te publiceren. AnBeRo probeert op de achtergrond met het delen van praktijkervaring bij te dragen dat de nieuwe gedragscode ruimte laat voor keuzevrijheid en nuance op basis van deskundig duurzaam bosbeheer.
(Referentie: samenvatting Artikelen uit Trouw: 23 dec 2023 en 8-02 en 4-03 2021)